Diagnose

Naast een uitgebreide anamnese wordt het klinisch aspect van het lymfoedeem bepaald (pitting of non-pitting, uitgebreidheid, Stadiëring, Stemmer teken). Verder moeten eventuele veneuze aandoeningen gedocumenteerd worden.

Aanvullende onderzoeken bestaan uit echografie, SPECT-CT of MRI en dat om enerzijds andere aandoeningen uit te sluiten en anderzijds om (de uitgebreidheid van) het lymfoedeem te bevestigen.

Lymfescintigrafie, de gouden standaard wat betreft de diagnostiek van lymfoedeem, is een functioneel onderzoek waarbij de geïnjecteerde partikels enkel en alleen door de lymfewegen worden opgenomen. Zo vormen we een idee over de werking van de lymfewegen en de aanwezigheid van collateralen alsook van de aan- of afwezigheid van lymfeklieren.

Voor een verdere diagnostiek doen we aanvullend een lymfefluorescentie onderzoek, ook lymfemapping genoemd. Dat dynamisch onderzoek geeft de nog doorgankelijke lymfewegen aan via een geïnjecteerde fluorescente stof. In real-time kunnen we het patroon van de lymfewegen en van de collateralen  in het aangetaste lidmaat visualiseren.

Dat onderzoek werd door dr. Giacalone verfijnd, zodat waardevolle informatie verkregen wordt voor de chirurg, maar ook voor de behandelende kinesitherapeut. Op basis van de resultaten van dat onderzoek, kan de kinesist immers gericht manuele drainage uitvoeren.

Het lymfoedeem wordt ook geëvalueerd met behulp van nieuwe onderzoeksmethoden.

De aandacht gaat niet alleen naar de diagnose van lymfoedeem, maar ook naar de preventie ervan. Patiënten waarbij de kankerbehandeling net voltooid is en waarbij er nog geen sprake is van lymfoedeem, worden daarom nauw opgevolgd. Via metingen en screening op verschillende tijdstippen kan gedetecteerd worden wanneer de lymfewegen overbelast zijn, nog voor er een zwelling zichtbaar is.

Via lymfefluorescentie kan het lymfewegstelstel in beeld gebracht worden nog voor de heelkundige ingreep voor kanker wordt uitgevoerd.

Behandeling

Conservatieve behandeling

In eerste instantie optimaliseren we de conservatieve behandeling (= de manuele lymfedrainage) via aanpassing en personalisatie van de methode. 

Dat gebeurt op basis van de resultaten van de lymfemapping die de anatomie van het lymfesysteem van de patiënt weergeeft.
Naast het doorvoeren van die maximale manuele lymfedrainage, krijgt de patiënt ook gepersonaliseerde steunkousen.

Gemotiveerde kinesitherapeuten en een bandagist, allen met ruime ervaring in de lymfoedeemproblematiek, staan ter beschikking van de patiënt.

Heelkundige behandeling

Bij onvoldoende effect van de maximale conservatieve behandeling, wordt in geïndiceerde gevallen overgegaan tot lymfatische supramicrochirurgie. Een lymfeveneuze anastomose, het aanleggen van een verbinding tussen een bloedvat en een lymfeweg, herstelt de lymfestroom. Afhankelijk van hoe uitgebreid het lymfoedeem is, zijn meerdere verbindingen nodig.

De omtrek van het lidmaat vermindert al na enkele dagen. Ook het gevoel van spanning en zwaarte in het lidmaat door het opgehoopte vocht verdwijnt snel en de functionaliteit van het lidmaat neemt weer toe. De kans op infecties (recidiverende episodes van erysipelas) na de behandeling neemt af.

Die behandelingsvorm heeft zijn klinische en wetenschappelijke efficiëntie bewezen. Ze wordt echter wereldwijd slechts in enkele centra uitgevoerd omwille van een gebrek aan expertise en het arbeidsintensieve karakter. Er is ook nood aan hoogtechnologische toestellen. 

De doorsnede van een lymfeweg is immers maar ongeveer 0.5 mm en is dus vergelijkbaar met de diametergrootte van een haar.  Het spreekt voor zich dat de verbinding van een lymfeweg met een bloedvat dan ook enkel kan uitgevoerd worden via een gesofisticeerde microscoop.

Een lymfeveneuze verbinding aanleggen, is een weinig belastende ingreep voor de patiënt. Via een kleine insnede in de huid wordt een verbinding gemaakt tussen een nog functionerend lymfevat en een ader. Daarbij gebruiken we geavanceerde technieken en materialen. De patiënt kan doorgaans nog dezelfde dag naar huis. De ingreep heeft in ervaren handen de beste resultaten en de minste complicaties.

Andere behandelingsmogelijkheden bestaan onder andere uit een lymfo-lymfatische shunt aanleggen, een lymfekliertransplantatie uitvoeren en fibro-liposuctie. Die ingrepen zijn enkel aangewezen in bepaalde gevallen.

Supra-microchirurgie is niet alleen een efficiënte behandeling voor lymfoedeem, maar kan ook worden toegepast ter preventie ervan bij risicopersonen.

Verder is supra-microchirurgie een goede behandelingsoptie voor patiënten met lymfoedeem op plaatsen waar compressie moeilijk is. Voorbeelden daarvan zijn lymfoedeem van de geslachtsdelen, de heup of de borst.

Tenslotte kunnen lymfe-veneuze anastomosen een definitieve oplossing brengen bij patiënten met lymfoceles (holte gevuld met lymfevocht) en bij patiënten met niet te stoppen lymfe-lekkage.